logo print   VCM vzw | Abdijbekestraat 9 | B-8200 Brugge
Tel. +32 (0)50 407 201 | info@vcm-mestverwerking.be


 

Bekijk ons nieuwsarchief onderaan de pagina
line

Nieuws

 
Groen licht voor flankerend beleid oranje veebedrijven
datum20-02-2017

Groen licht voor flankerend beleid oranje veebedrijven

De Vlaamse regering heeft compensatiemaatregelen goedgekeurd voor de veebedrijven die vanwege de ammoniakuitstoot uit hun stallen code oranje kregen. Deze bedrijven worden beperkt in hun verdere ontwikkeling vanwege de waardevolle natuur in hun buurt. Het herstructureringsprogramma voor de zwaarst getroffen (rode) bedrijven bestaat intussen twee jaar. Ook voor de 'oranje' veebedrijven is het flankerend beleid gericht op een passende compensatie. Daarom is het maatregelenpakket breed gehouden: bedrijfsaanpassing, -begeleiding, -verplaatsing, -beëindiging of koopplicht in hoofde van de overheid. Nu de knoop eindelijk is doorgehakt, reageert Boerenbond positief.
De Habitat- en Vogelrichtlijn bepalen dat elke EU-lidstaat de noodzakelijke maatregelen moet nemen om de beschermde soorten en habitats op zijn grondgebied duurzaam in stand te houden. Activiteiten die een belangrijke negatieve impact kunnen hebben op het realiseren van de natuurdoelen krijgen geen vergunning meer, tenzij de negatieve effecten worden verminderd. De Vlaamse regering werkt sedert april 2014 aan een programmatische stikstofaanpak om te vermijden dat de vergunningverlening vastloopt zoals in Nederland gebeurde. Die aanpak heeft tot doel de stikstofneerslag afkomstig van landbouw, verkeer en industrie te verminderen.

In januari 2015 heeft de Vlaamse regering een herstructureringsprogramma goedgekeurd voor de ‘rode’ landbouwbedrijven, dat zijn veebedrijven met een impact van meer dan 50 procent op de kritische depositiewaarde van stikstof in een habitat. Vrijdag is dat ook gebeurt voor de zogenaamde ‘oranje’ landbouwbedrijven: veebedrijven met een ammoniakuitstoot uit de stallen die tussen 5 en 50 procent bijdraagt aan de kritische depositiewaarde van stikstof in een habitat.

Deze impactscore is geen statisch gegeven maar wordt steeds berekend aan de hand van de meest recente impactscoretool en de actuele milieuvergunningsgegevens. Op dit ogenblik gaat het in Vlaanderen om ongeveer 550 landbouwbedrijven. Ten opzichte van de eerste informatieronde in het najaar van 2014 is het aantal oranje (van 1.429 naar circa 550) en rode (van 135 naar 70) landbouwbedrijven fors teruggebracht, voornamelijk door het inkrimpen van de zoekzones voor natuur en het verfijnen van het rekenmodel.

Boerenbond preciseert dat niet elk ‘oranje’ bedrijf toegang heeft tot het flankerend beleid. Enkel de bedrijven die niet (her)vergunbaar zijn op basis van het nieuwe significantiekader komen in aanmerking. Dit zijn bedrijven die ook na toepassing van emissie reducerende maatregelen niet kunnen uitbreiden zonder dat hun ammoniakuitstoot stijgt. Aan de compensatie door de Vlaamse overheid gaat een verplicht bedrijfsadvies door een erkend en onafhankelijk expert vooraf. Deze expert zal nakijken of alle verplichte emissie reducerende maatregelen werden toegepast. Daarna onderzoekt hij welke andere maatregelen vanuit het flankerend beleid mogelijk zijn. Dit kan gaan over technische maatregelen die er voor zorgen dat de totale emissies niet stijgen, maar ook over een bedrijfsverplaatsing.

Het door minister Schauvliege uitgetekende flankerend beleid wil in de eerste plaats inzetten op een voortzetting van de landbouwactiviteiten. De bedrijfsbeëindiging en de koopplicht zullen vooral relevant zijn voor de bedrijven die geen vergunning krijgen. Bij het beoordelen van de oplossingsrichtingen spelen economische, sociale en ecologische aspecten mee. Op basis van die criteria wordt een voorkeursoptie geselecteerd. De voorkeursoptie bepaalt de maximale vergoeding die verkregen kan worden. Een getroffen veehouder mag ook een andere flankerende maatregel kiezen, maar de omvang van de financiële tegemoetkoming is begrensd door de voorkeursoptie.

Het maatregelenpakket voor de ‘oranje’ bedrijven is ruim en hetzelfde als voor de ‘rode’ bedrijven. Nog eens op een rijtje gezet, zijn dit de mogelijkheden: bedrijfsaanpassing, bedrijfsbegeleiding, bedrijfsverplaatsing, bedrijfsbeëindiging of koopplicht in hoofde van de overheid. De verschillen met de compensaties voor de zwaarst getroffen veehouders hebben vooral te maken met de toegang tot het flankerend beleid (zie hierboven) en met de financiering van de maatregelen. De Vlaamse overheid financiert de voorkeursoptie die uit het onafhankelijk bedrijfsadvies naar voor is gekomen. Het budget hiervoor was reeds eerder in de begroting voorzien.

Minister van Landbouw en Natuur Joke Schauvliege is zich ervan bewust dat veel van landbouwers gevraagd wordt opdat Vlaanderen de natuurdoelen zou kunnen realiseren. Het flankerend beleid waarin voorzien wordt, houdt volgens haar rekening met het individuele landbouwbedrijf en biedt ontwikkelingsperspectieven op maat van elk bedrijf. Boerenbond reageert positief op het feit dat de Vlaamse regering de knoop heeft doorgehakt. “De combinatie van een meer realistisch significantiekader, samen met de ondersteuning vanuit het flankerend beleid, geeft de overblijvende ‘oranje’ bedrijven de nodige ademruimte”, luidt de analyse van Boerenbond. “Nu liggen alle puzzelstukken op tafel om deze groep bedrijven te begeleiden en te adviseren over hun verdere toekomstmogelijkheden.” Het flankerend beleid treedt in werking op 1 juli 2017, samen met een verfijnd significantiekader voor ammoniak dat eveneens door de Vlaamse regering werd goedgekeurd.

Bron: VILT



Created by Westsite